EPL: Data validatie

Waar gemeten wordt kunnen storingen optreden. Daarom wordt de gemeten data gecontroleerd op fouten om ‘vervuiling’ van de database te voorkomen. Dit gebeurt in twee stappen:

  1. De meetcomputer controleert zelf op enkele storingen zoals
    • Geen verbinding met een sensor
    • Geen verbinding met het meetsysteem
    • Een signaalwaarde overschrijdt een onder- of bovengrens
  2. De gemeten data wordt dagelijks handmatig gecontroleerd op afwijkingen.

Data die niet in orde is wordt in de database als ‘invalid’ gemarkeerd. Bij het opvragen van data uit de database zullen deze als ‘invalid’ gemarkeerde meetwaarden niet worden vrijgegeven, zodat de gebruiker er op kan vertrouwen dat er met valide data wordt gewerkt.